Door Tamara Jonkman, februari 2013


De naam die onze vereniging draagt is niet zoals sommige anderen een welbekende naam dus naar wie is onze verenging nou eigenlijk vernoemd? Ik kan jullie vertelen dat hoewel de naam Lulofs niet zo bekend is als bijvoorbeeld Leeghwater hij wel thuis hoort in dezelfde tijd. Johannes Lulofs is op 5 augustus in het jaar 1711 geboren in Zutphen. In 1729 promoveert hij op het gebied van wijsbegeerte, tegenwoordig beter bekend onder de naam filosofie, aan de universiteit van Utrecht en later aan dezelfde universiteit in rechten. Na zijn opleiding is Lulofs advocaat in zijn geboorteplaats Zutphen tot hij in 1942 wordt benoemd tot hoogleraar wis- en sterrenkunde aan de universiteit van Leiden, kort daarop gevolgd door het hoogleraarschap in wijsbegeerte in 1944 aan dezelfde universiteit. In 1755 tot 1756 was Lulofs rector aan de universiteit van Leiden.


Tot nu toe klinkt de man in kwestie nog niet als iemand van wie je de naam zou verwachten bij een alumnivereniging van de opleiding aardwetenschappen en fysische geografie. Dichterbij komen we met het beter bekijken van zijn werk: zijn promotie in 1729 in wijsbegeerte was gebaseerd op het werk ‘Disputatio philosophica de causis, propter quas zona torrida est habitabili’ waarin hij beredeneerde hoe leven in de tropen ondanks de hoge temperaturen mogelijk was. Een ander werk van hem uit deze periode: ‘Diputatio philosophica inauguralis de aurora horeali’ beschreef het bestaan van de aurora borealis, het noorderlicht, met de kennis die in die periode voorhanden was. Uit dit werk blijkt wel dat ondanks dat Lulofs voornamelijk officieel werkzaam was in de gebieden van filosofie en wis- en sterrenkunde hij wel degelijk een interesse had in aardwetenschappelijke onderwerpen.



In 1750 tijdens zijn periode als hoogleraar in Leiden publiceert hij het werk ‘Inleiding tot eene natuur- en wiskundige beschouwinge de aardkloots’. Hoewel oorspronkelijk zoals meeste wetenschappelijke stukken uit deze periode in het Latijn geschreven is dit werk ook in het toenmalig Nederlands, het Nederduits uitgegeven. Deze keuze verdedigt Lulofs dan ook in zijn voorwoord waarin hij aangeeft dat het uitgeven van het werk in het Nederduits voor hem minstens zo logisch is als het uitgeven van werk in het Latijn. Dit werk is een verzameling van alle kennis die in deze periode beschikbaar was over het ontstaan en de werking van de aarde en mogelijk trachtte hij door het werk in Nederduits uit te geven een groter minder geleerd publiek te bereiken, een titel bijschrift van dit werk is dan ook: ‘tot dienst de landgenooten’.


In 1754 is Lulofs als eerste benoemd tot inspecteur generaal van de Nederlandse rivieren. Deze positie had Lulofs te danken aan zijn werk in de Nederlandse waterbouwkunde. In deze rol publiceerde Lulofs het werk: ‘Grond-beginselen der wynroey- en peilkunde, ten dienste der landgenooten’. In dit werk omschrijft Lulofs het belang van het werken en rekenen met dezelfde maatstaven en procedures en legt deze voor het eerst vast voor het Nederlandse waterbeheer. Als inspecteur generaal van de Nederlandse rivieren legt Lulofs het grondwerk voor het huidige Rijkswaterstaat.


Hoewel Lulofs zelf geen belangrijke bevindingen heeft gedaan of nieuwe theorieen heeft gepubliceerd is het belangrijk zijn bijdrage niet te onderschatten. Het publiceren van werk in het Nederduits wat zijn werk voor mensen zonder wetenschappelijke achtergrond beschikbaar maakte zowel als het opzetten van de eerste maatstaven en procedures op het gebied van watermanagment zijn zonder twijfel handelingen die enige erkenning verdienen.



  Last edit: 2013-03-01 17:46:11.